PILE OF SHAME | 25. Middle-Earth: Shadow of Mordor (2014)
Een gedocumenteerde poging van Uberkamper om zijn persoonlijke Pile of Shame tot nul te herleiden.
Uberkamper nam bij het begin van dit jaar het goede voornemen om zijn persoonlijke Pile of Shame te reduceren tot een vers geploegde akker in de polders van de Moeren (tot nader order nog steeds het meest vlakke stuk land van Vlaanderen).
25. Middle-Earth: Shadow of Mordor (2014)
Opgelet: deze tekst bevat spoilers!
J.R.R. Tolkien publiceerde het laatste deel van zijn Lord of the Rings trilogie in 1955 en Peter Jackson liet de eerste van zijn iconische films in 2001 los op het grote publiek. Dat betekent dat er tussen deze twee gebeurtenissen een periode was van 46 jaar waarin enkel de individuele verbeelding van elke lezer verantwoordelijke was voor het uiterlijk en inwendige leven van personages als Gandalf en Sauron, en bij uitbreiding alle Hobbits, Dwergen, Orcs en Elfen en wat er zo allemaal nog rondloopt in Midden-Aarde. Voor wie niet, zoals Uberkamper en zijn generatiegenoten, het voorrecht had om in deze nog ongerepte tijden de boeken van Tolkien gelezen te hebben, is het moeilijk om zich voor te stellen hoezeer de films van Peter Jackson onze beeldvorming beïnvloed hebben. Natuurlijk zijn de films absolute meesterwerken – iets wat nog extra in de verf wordt gezet door de erg gemengde reacties op de nog lopende Amazon Prime-serie The Rings of Power - maar tegelijk werken ze ook als kooien voor de verbeelding van iedereen die de pech had om pas tot de jaren van verstand te komen na de start van het derde millennium. Het mag bij dit alles weinig verwondering wekken dat ook deze Shadow of Mordor uit 2014 visueel grotendeels schatplichtig is aan de films. Dat heeft alvast als voordeel dat het spel onmiddellijk herkenbaar is voor iedereen die de afgelopen decennia niet onder een steen geleefd heeft.

Gelukkig is niet alles in Shadow of Mordor veilig. Zo neemt het spel een stevig risico door een verhaal te vertellen dat verder gaat waar de oude boeken zwijgen. Het afgelopen decennium is er genoeg inkt gevloeid over de vraag of het spel daardoor wel tot de canon van het Lord of the Rings universum mag behoren. De conclusie lijkt inmiddels definitief te zijn dat het zich iets te veel narratieve vrijheid veroorloofd om tot het heilige der heiligen toegelaten te worden. Tot zover dus de vraag of het plot van Shadow of Mordor in de hypothetische boeken had kunnen staan mocht Tolkien wat meer geschreven hebben en wat minder pijp gerookt hebben met zijn vrienden van de Inklings in The Eagle and Child pub in Oxford.
Veel interessanter dan dit soort onvermijdelijke problemen in de chronologie of de verdachte introductie van nieuwe plotelementen is de vraag of Shadow of Mordor thematisch tot de Tolkiaanse mythologie gerekend mag worden. Vast staat dat Tolkien zijn boeken zag als door en door Christelijk mythologisch. Het gaat daarbij volstrekt niet om een allegorie waarbij de brave Gandalf eigenlijk Jezus blijkt te zijn, maar wel om het feit dat de boeken doorspekt zijn met ideeën die tot de basis van de Christelijke theologie behoren. Zo zijn de ringen plot objecten die verwijzen naar corruptie, machtsmisbruik en zonde. Dit kwaad steunt op bedrog en verleiding en wie ermee in aanraking komt wordt langzaam uitgehold en verliest elke vorm van zelfbewustzijn en vrije wil. Gandalf, Galadriel en Aragorn weigeren de ring te dragen (en weerstaan met moeite de verleiding) net omdat ze beseffen dat kwaad niet met kwaad te bestrijden valt. Enkel in de omkering van waarden is redding te vinden. Daarom vindt de ring vindt zijn weg tot enkele kleine en zwakke Hobbits die – gesteund door een onwaarschijnlijk gezelschap (een vertegenwoordiger van alle rassen als een afspiegeling van een universeel broederschap) - de vrije keuze maken om hun leven achter te laten om het kwaad te proberen te vernietigen. Ze offeren hun leven, maar de uitkomst is geen gevolg van hun inspanningen, maar van genade. Want uiteindelijk faalt de Frodo als ringdrager jammerlijk wanneer deze bezwijkt voor de verleiding. Enkel omdat hij eerder het leven van Gollum spaarde – een daad van onwaarschijnlijke barmhartigheid - wordt de ring alsnog vernietigd.

Deze manier waarop het gezelschap van de ring door de trilogie trekt staat in schril contrast met Talion, het hoofdpersonage in Shadow of Mordor. Tijdens het bewaken van de Zwarte Poort worden hij en zijn familie gruwelijk terechtgesteld. Celebrimbor, de elf die de ring smeedde en bij een poging om Sauron te verraden hetzelfde lot onderging, verbindt zijn ziel met die van Talion. Samen nemen ze wraak op de Orks en Uruk-Hai aan deze en gene zijde van de Zwarte Poort. Hun bondgenootschap bestaat erin dat ze de kapiteins en krijgsheren van het leger van Sauron brandmerken om hen zo hun wil op te dringen. Wat niet past in het wereldbeeld van Tolkien is het feit dat zowat alle Orks wel een eigen persoonlijkheid krijgen in het spel, maar zonder onderscheid als moreel boosaardig worden gezien en - hoewel ze eigenlijk vastzitten in dezelfde tragische dynamiek als Talion en Celebrimbor - verstoken blijven van genade en verlossing. Dat blijkt ook tijdens de uiteindelijke confrontatie met Sauron. Daar wordt deze weliswaar tijdelijk verzwakt, maar door de macht van het kwaad tegen Sauron zelf te gebruiken worden Talion en Celebrimbor noodgedwongen bij diens morele verval betrokken.

Uberkamper heeft het vervolg op Shadow of Mordor nog niet gespeeld, maar het open einde van het eerste deel kan in de wereld die Tolkien schiep op geen enkele manier tot een overwinning of verlossing leiden in een tweede deel. Dat maakt van Shadow of Mordor een narratief buitenbeentje: de boodschap dat het kwaad corrumpeert en de epische strijd die hieruit volgt is wel nog Tolkiaans, maar tegelijk is Talion een post-Tolkiaanse antiheld die bereid is zijn morele kern op te geven en die zal eindigen zonder morele inkeer. Het zelfbedrog dat nog afwezig was in Saruman is in Talion totaal geworden. Net deze combinatie van heldendom, blind handelen en moreel verval, valt radicaal buiten het mythologische kader van Tolkien. Het is een triest lot dat helden kansloos maakt nog voor ze de eerste houw met hun zwaard gedaan hebben. Een lot dat Tolkien zelfs niet weggelegd had voor Boromir (en zijn vader Denethor), de meest kwetsbare metgezel van het gezelschap.

Los van dit alles kan Uberkamper als gamer natuurlijk niet anders dan besluiten dat Shadow of Mordor – hoewel het zich nooit in Midden-Aarde had mogen afspelen – toch een uitermate vermakelijke strooptocht door de hel is geworden. Wanneer namelijk het vermogen vrijgespeeld wordt om kapiteins en krijgsheren een gloeiende handpalm op het gezicht te schroeien en zo volledig aan de eigen wil te onderwerpen, transformeert het spel van wat zweterige zwaardvechten tot een oefening in absolute dominantie van het slagveld. Occasioneel komen er nog wat teveel kapiteins tegelijk langs om comfortabel weg te hakken, maar afgezien van het wat komische effect hiervan blijft het feit dat het stuk voor stuk unieke absolute rotkarakters zijn die vragen om een onvriendelijke handoplegging. De verleiding van blinde wraak is iets dat heel diep in ons mensen zit en waar wij in onze moderne (meer en meer post-christelijke) cultuur wel aan verslaafd lijken te zijn. Sorry Tolkien.
Middle-Earth: Shadow of Mordor (2014)
Pro
- Nemesis systeem en brandmerken van vijanden
- Kapiteins en krijgsheren zijn uitermate goed uitgewerkt
- Talion is een moderne antiheld die blind wraak neemt en dat speelt prettig weg...
Contra
- … maar onvermijdelijke nederlaag én moreel verval, weinig helden vallen zo diep als Talion
- Verhaal is in wezen on-Tolkiaans
- Brutale respawn en soms gigantische hoeveelheid tegenstanders
Wie is Uberkamper?
Uberkamper. Zijn van nature trage en beschouwende speelstijl lijkt zozeer op "campen" dat besloten werd deze doorgaans pejoratieve nomenclatuur als eretitel te adopteren. De variant met "K" i.p.v. "C" bleek evenwel ongelukkigerwijze naar het Duitste woord voor vechten te verwijzen, eerder dan naar het Engelse woord voor Kamperen. "Uber", eveneens aan het Duits ontleend, betekent dan weer: alles en iedereen overtreffend. Dat is natuurlijk, laat ons eerlijk zijn, de enige manier om een spel te spelen. Uberkamper kan dus evenzeer verwijzen naar het overtreffende vermogen om stil in een hoek te liggen en te wachten tot het spel gedaan is, als naar degene die het speelveld overheerst en domineert. De beiden zijn correct.